Het Kamperuierlied

Het verhaal gaat dat Kampenaren indertijd niet zo slim waren en erger nog: ze dachten zelf van wel!
Tenminste als ik de verhalen mag geloven die werden verteld over de domheid van de burgers van deze stad.
Zelf denk dat ze in Zwolle zijn begonnen met het verspreiden van deze geruchten en zoals dat zo vaak gaat krijgen geruchten weldra de status van waarheden als een hele kudde runderen.
Ik kan niet geloven dat ze echt zo dom zijn als in dit lied over de Toren en de koe wordt beschreven.
Net zo min als dat ik geloof dat het verhaal klopt dat indertijd in de raad het besluit werd genomen dat in de wijde omgeving van Kampen borden zouden worden geplaatst, die de reiziger er op zouden moeten wijzen hoe deze op de snelste wijze in Kampen konden belanden.

"Dat is mooi" zou één van de raadsleden hebben gesproken, "maar hoe moet dat dan als de reiziger in kwestie niet kan lezen"? (Dat kwam in die tijd ook buiten Kampen voor). Tsja, dat was een probleem.
"Daar heb ik ook aan gedacht", sprak het eerder genoemde raadslid, "we hangen er een bordje onder met de mededeling dat degenen die niet kunnen lezen de weg gewoon even moeten vragen!"
Verbluffend eenvoudig en even effectief!
Hier hoef ik verder niets aan toe te voegen

1.In Kampen in de Oudestraat
daar staat een hoge toren
|: Hoe daar een koe het leven laat
ik zal het laten horen :|

2. Daar op de toren groeide gras
Dat vond een ieder zonde
|:Daar had de slimste van de stad
Al snel iets op gevonden :|

3. Men hijst een koe tot op het dak
Die wil het gras wel eten
|:Dat zoiets ook wel anders kan
Dat was hij heel vergeten:|

4. Maar wie zijn koe gaat nu omhoog?
Dat hoort men ieder vragen.
|:Dat, moet pastoor zijn koe wel zijn!
De beste in zijn dagen:|

5. Wie kent er niet pastoor zijn koe?
Die is zo vaak bezongen
|:In menig stad of platteland
heeft men zo'n koe gevonden:|

6. Men liep heel snel de toren op
en liet een touw snel dalen
|:Er werd toen nog lang gewacht
de koe moest men nog halen:|

7. De koe werd bij de hoorn gevat
Pastoor keek met verlangen
|: Hij zag in zijn gedachten reeds
De koe daar boven hangen:|

8. Men hijst de koe met man en macht
Die laat de tong snel hangen
|: Kijk! Roept men van beneden af
Zij kwijlt reeds van verlangen:|

9. Aldus kwam ons pastoor zijn koe
Benauwd al om het leven
En hoort u ooit een ander lied
Denkt u dan maar even
Aan dit Kamperuierlied
Dit Kamperuierlied

Tekst en muziek: Anton Greefkes


Luister hier naar het "Kamperuierlied"